
- Home
- Voor u geselecteerd ...
- Overheveling geriatrische revalidatiezorg
Overheveling geriatrische revalidatiezorg
In 2013 wordt de geriatrische revalidatiezorg overgeheveld van de AWBZ naar de Zvw. Het ministerie van VWS heeft in juli 2011 alle instellingen al geïnformeerd dat zij zich dienen voor te bereiden op de DBC systematiek en per 2012 conform deze systematiek moeten registreren. Maar wat betekent dit nu in de praktijk? Met welke wijzigingen in de (administratieve) processen dienen zorginstellingen rekening te houden?
Geriatrische revalidatiezorg richt zich op zelfstandig wonende ouderen die een medisch-specialistische behandeling hebben ondergaan en daarnaast vaak chronische aandoeningen hebben. Doel is hen terug te doen keren naar de oude woon- en leefsituatie. Omdat het om kortdurende en intensieve zorg gaat, verhuist een groot deel van de geriatrische revalidatiezorg per 1 januari 2013 (met een overgangstraject tot 2015) van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) naar de Zorgverzekeringswet ( ZvW). De overheveling moet onder andere leiden tot een meer gespecialiseerd en gevarieerd aanbod. De overheveling betekent ook dat de zorg wordt opgenomen in de DBC-systematiek. De introductie van DBC's vraagt van instellingen dat zij de zorgactiviteiten die ze voor de behandeling van de patiënt uitvoeren, moeten gaan registreren. Deze registratie is essentieel om uiteindelijk de geleverde zorg te kunnen declareren bij de verzekeraar.
De nieuwe systematiek wordt gefaseerd ingevoerd. De zorgaanbieders dienen de implementatie traject hierop aan te passen. In 2011 zijn er reeds 50 instellingen gestart met de proeftuinen waarbij wordt geregistreerd volgens de DBC-systematiek. Binnen de proeftuinen worden op cliëntniveau zorgactiviteiten vastgelegd en behandelaren tijd geregistreerd. De monitoring van deze proeftuinen heeft al verschillende knelpunten aan het licht gebracht die andere organisaties kunnen gebruiken bij de implementatie van de DBC systematiek. In 2013 zullen alle zorginstellingen moeten registreren in dbc's, maar worden zij nog afgerekend in zzp's. Zij moeten dan een dubbele administratie hanteren. In 2014 volgt wel een afrekening in dbc's.
De impact van deze nieuwe werkwijze is groot , zowel voor eindgebruikers als voor medewerkers die belast zijn met het beheer van de informatiehuishouding (inclusief de controle of de registratie voldoet aan de DOT- registratiesystematiek) rondom de desbetreffende zorgapplicatie(s). De zorgapplicaties dienen te worden aangepast (indien ze dat nog niet gedaan is) om volgens de DBC systematiek te kunnen registreren, maar vooral ook te kunnen declareren. Maar aangezien pas in juli 2012 de inhoud van de DBC's zal worden bepaald, zal pas na juli de desbetreffende applicaties optimaal kunnen worden ingericht om de DBC registratie en afhandeling mogelijk te maken. En uiteraard dienen eindgebruikers geïnstrueerd te worden over de nieuwe manier van registreren.
Het gevolg voor instellingen op de korte termijn is dat ZZP9 (verblijf met herstelgerichte verpleging en verzorging) al per 1 januari 2012 tijdelijk wordt opgesplitst in twee ZZP's, namelijk
- ZZP 9A: somatische revalidatie die onder de ZvW komt te v allen
- ZZP 9B: revalidatiezorg aan cliënten die voor revalidatie in het verpleeghuis verblijven. Deze zorg blijft onder de AWBZ vallen.
Aangezien ZZP 9 nooit langer dan 1 jaar geïndiceerd kan worden, zullen er op 1 januari 2013 geen ZZP9 indicatie meer in omloop zijn, maar alleen ZZP 9A of ZZP9B indicaties.

